Highlights in en om Dambulla – 8 t/m 11 december 2014


We zijn al ruim 3 weken in Sri Lanka en hebben al veel verschillende plekken gezien: de stranden van Unawatuna, Mirissa en Tangalla, het VOC-fort van Galle, natuur rondom Tissa, vele tempels, de bergen van Ella en de culturele hoofdstad Kandy. Nu zijn we in Dambulla, waar wederom weer veel moois te zien en te doen is.


Het gebied tussen Dambulla, Polonnaruwa en Anuradhpura, in het binnenland van Sri Lanka, stikt van de historische en culturele bezienswaardigheden. Het wordt ook wel de culturele driehoek genoemd. Vanaf Kandy gaan wij naar Dambulla om vanuit daar een aantal mooie plekken te bezoeken. We wilden ook nog een keer op safari en dat kan ook nog eens heel goed hier want er zijn een aantal nationale parken die bekend staan om hun vele olifanten. We verblijven 3 nachten bij JC’s Guesthouse. Een mooi kleinschalig resort waar we wonderbaarlijk genoeg de enige gasten zijn. We hebben een ruime en luxe kamer praktisch aan het (privé!) zwembad. Door de groene omgeving zien we apen, neushoornvogels, eekhoorns en andere dieren van dichtbij. Grappig genoeg is er ook het stekelvarken Toothie als huisdier en zit er een groot aquarium in onze kamer. JC’s krijgt goede recensies op Tripadvisor over het restaurant en wij kunnen dat zeker beamen. Iedere dag eten wij er het typisch Sri Lankaanse ‘Rice and curry’. Iets wat we trouwens denk ik wel de helft van de middag- en avondmaaltijden tijdens ons hele verblijf in Sri Lanka hebben besteld. Bij ‘Rice and Curry’ krijg je rijst, papadums (soort kroepoek), dhal (linzen) en meestal een stuk of 4 verschillende curries van onder andere zoete aubergines, jackfruit, aardappel, boontjes, kip, etc. Altijd is het een feest om te eten! De kwaliteit is ook meestal goed, want dit is wat de Sri Lankanen zelf eten. Ga je voor de pizza, sandwiches of pasta dan is het meestal een tegenvaller.

Dé toeristentrekker van Dambulla is de grottempel. Wij bezoeken deze op onze tweede dag, redelijk vroeg, om 9.00. De entree van het hele complex, gevormd door een gigantisch kitscherige tempel uit 2000, ligt aan de doorgaande weg. Naast de kitsch tempel lopen trappen omhoog naar de echt interessante tempel. Het is toch nog een flinke klim. Mila zit in de rugdrager en Pelle heeft er vandaag zin in dus hij klimt het hele stuk zelf. Ondanks het tijdstip is het al bloedheet en hebben we een natte rug. Maar we worden beloond. Bovenaan gekomen ligt wellicht de mooiste tempel die we ooit gezien hebben. Onder de rand van een overhangende rotswand is vele eeuwen terug deze boeddhistische tempel, die ook op de werelderfgoedlijst van UNESCO staat, gebouwd. Er zijn vijf kamers vol met stokoude boeddha’s en tekeningen. We zijn allemaal onder de indruk. Het uitzicht is ook nog eens mooi en er lopen aapjes. We zijn vroeg terug en dat komt uit. Vanmiddag gaan we namelijk op safari naar het Hurulu Eco Park bij Habarana. Om 15.30 worden we opgehaald met een jeep. Na een vaag verhaal van de gids en chauffeur over een kapotte andere truck stappen iets verderop ook nog twee Japanse meisjes in. Het zal wel. Het gebied waar we nu naar toe gaan is qua landschap weer anders dan Yala, waar we de eerste safari hebben gedaan. Het is uitbundig groen met veel rotspartijen. Door de vele regen van de afgelopen weken staat het gras er metershoog. Al vrij snel zien we een groepje van zo’n 7 olifanten op slechts 20 meter afstand. Wow! Vanuit ons open dak kunnen we ze goed zien. Ze doen weinig op ons uit en laten zich niet afleiden. Iets verderop zien we nog een tweede groepje en verder nog een paar varanen en verschillende vogels. Een leuk uitstapje, maar niet zo divers en spectaculair als naar Yala. Als we over de gewone weg terugrijden spotten we ook nog een paar olifanten pal naast de weg.
De meest bezochte plek in dit deel van Sri Lanka is de spectaculaire Sigiriya rots met daarbovenop de resten van een koninklijke citadel. Honderden mensen beklimmen via een ijzingwekkend pad dagelijks voor 30 dollar pp de rots. Wij vinden het met Pelle en Mila te gevaarlijk. Helemaal nadat we lezen dat er ook nog een soort ‘killer bee’s’ rondvliegen. Zo erg dat mensen in speciale pakken de rots beklimmen. Ondanks dat wij er niet op gaan wilden we er wel naar toe. Met de aardige tuktuk chauffeur Pali maakten wij een klein toertje. Hij raadde ons aan om de tegenoverliggende rots te beklimmen. Iets wat ook al als tip in het reisblad Columbus stond. Via een heftige klim, waarbij het fijn was dat Pali zelf mee ging vanwege de route en om Pelle af en toe te tillen, bereikten we de top van de Pidurangala. Het uitzicht vanaf hier is werkelijk fenomenaal en we waren er helemaal alleen. Terwijl we aan de overkant honderden mensen hutje mutje de Sigiriya rots zagen beklimmen. En dat voor 200 roepie (euro 1,20) pp om met name een tempeltje te sponsoren. We hadden ook de weergoden mee, want toen we terugreden kwam de regen met bakken naar beneden. Uiteraard hield dat ons niet tegen om daarna in ons privé zwembad te duiken.

IMG_3416DSC01307DSC01313DSC01430IMG_3547DSC01378DSC01359

6 Comments

  1. tof!!!! We reizen weer een stukje met jullie mee :-)))) heel gaaf en ook voor mila en pelle <3 xx

  2. Ziet er weer goed uit! Sri Lanka lijkt me echt gaaf. Ook een mooie voor onze volgende grote reis

  3. Mooie ervaringen weer hoor! En juist omdat jullie er niet op staan, kan ik de Leeuwenrots heel goed zien hoor! (lekker veilig zonder wespen)

Laat een reactie achter bij Maike Reactie annuleren